22 februari 2016

Energie voor wielrennen

De fiets is goed afgesteld en startklaar, het lichaam is in topconditie. Er ontbreekt nog 1 ding: de energie om alles opgang te brengen en opgang te houden. In deze kennisbank alles over energie. Wat is het en hoe ontstaat het? Waar wordt het opgeslagen? en meer.

Waar komt energie vandaan?

Wij halen energie uit onze voeding, dit valt onder te verdelen in 4 componenten: eiwitten, koolhydraten, vetten en alcohol. De koolhydraten en alcohol worden vrijwel direct in energie omgezet. Vetten is energie voor de langere termijn en eiwitten worden slechts in noodgevallen gebruikt. Uiteindelijk worden alle componenten gebruikt voor energiewinning. Elke component bevat een andere hoeveelheid calorieën:

1 gram:

koolhydraat –  4 Kcal

vet –  9 Kcal

eiwit – 4 Kcal

Alcohol –  7 Kcal
Wielrennen energie koolhydraten

 

Waar wordt het opgeslagen?

Alle brandstof in lichaam wordt op 3 verschillende plekken opgeslagen. De lever, vetweefsel en de spieren.

  • De lever slaat van alles een beetje op (glycogeen, vetten en eiwitten). Glycogeen ontstaat uit koolhydraten.
  • Vetweefsel slaat voornamelijk vet op (wat een verrassing). Enorme hoeveelheden, hier zou je dagen op kunnen doorfietsen.
  • Spieren bestaan voornamelijk uit eiwitten daarnaast bevat het ook een redelijke voorraad glycogeen. Deze glycogeen voorraad is genoeg voor 45 minuten tot 1,5 uur, afhankelijk van de training van de wielrenner.

Hoe meet je energie?

We meten de energie in Kilocalorieën, 1 Kcal is gelijk aan 1.000 calorieën. Wat is een calorie nu eigenlijk? een calorie is de hoeveelheid energie die nodig is om 1 gram water 1 graad te doen stijgen. (Kilo)Calorieën kunnen worden omgezet in (Kilo)joules, door eenvoudig te vermenigvuldigen met 4,2.

Tegenwoordig wordt de output op de fiets ook in Watt (ook en vorm van energie) gemeten, maar wanneer we het hebben over voeding is het gangbaarder om over calorieën te praten.

Waarom verbranden we niet alleen vetten?

Het zou ideaal zijn om alleen vetten te verbranden, de voorraden zijn enorm groot (dagen lang). Het aantal Kcal per gram vet (9 Kcal) is meer dan twee keer zo groot als bij eiwitten of koolhydraten. Helaas, de vet verbranding is erg langzaam. Dit kan alleen bij activiteiten met een lage inspanning.

  • hoe lager de inspanning, des te groter het aandeel vet en des te kleiner het aandeel glycogeen in de energievoorziening;
  • hoe intensiever de inspanning, des te kleiner het aandeel vet en des te groter het aandeel glycogeen in de energievoorziening.

Er is hoop, je kan je lichaam trainen om meer aeroob te worden. Dit betekent dat er bij een inspanning eerder gekozen zou worden voor vetverbranding in plaats glycogeen, de samenstelling van de energievoorziening wordt gunstiger (minder glycogeen en meer vet). Een betere conditie draagt bij aan deze ontwikkeling, lees hiervoor ook onze trainingsvormen en duurtrainingen.

Hoeveel verbruik ik tijdens het fietsen?

Hieronder een rekenmodel waarin je dit kunt uitrekenen. De uitkomst is het aantal Kcal. De variabelen zijn de duur van de training, gewicht en intensiteit (snelheid).

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten